De tsunami, acht jaar later

Het regent pijpenstelen wanneer ik in de taxi zit van de luchthaven van Bandah Aceh naar de stad. De eerste dag in Indonesië en meteen ook de eerste dag dat het regent. Vanwege de zondag zijn de rolluiken van de winkels omlaag. Op straat liggen grote regenplassen waarin afval rond drijft. Ik neem een kamer in hotel Wislata waar het in de lobby ruikt naar rook en volle asbakken en het personeel met een sjagrijinig gezicht rondhangt in de lobby.

Op mijn kamer hangt een broeierige hitte en het ruikt naar klamme lakens. Ik speur onwillekeurig de vloer af naar kakkerlakken. Welkom in Aceh, of Atjeh zoals wij Nederlanders het eeuwenlang hebben gespeld.                                                        Toch is Bandah Aceh best wel een aardige stad, al had ik die indruk nou niet meteen bij mijn aankomst. De vele nieuwe gebouwen en de brede wegen heeft de stad echter te danken aan de tragedie die zich op Tweede kerstdag 2004 afspeelde. Een vijftien, sommigen zeggen vijfentwintig, meter hoge vloedgolf spoelde over de stad en honderden kilometers bewoonde kuststreken naar het zuiden. De grootste bekende tsunami ooit maakte in Aceh alleen al 150.000 slachtoffers, meer dan in alle overige landen bij elkaar. Een op de drie inwoners verdronk.

lees verder onder teksten ( zei menubalk boven) 

IMG_2308 IMG_2543In het tsunamimuseum

IMG_2348Bord over de tsunami-schade bij het Nederlands Kerckhof

IMG_2371massagraf met niet geindentificeerde slachtoffers

IMG_2377 IMG_2378restanten aan de kust

IMG_2381

IMG_2406kopie van een foto van de boot op het huis, kort na de ramp                                    (bron: tsunamimuseum)

IMG_2405

IMG_2408

Advertenties

Kuala Lumpur

Ik had slechts anderhalve dag in Kuala Lumpur te besteden. Achteraf te weinig, maar ik zat vast aan een al geboekt vliegticket naar Indonesië.                                   Een van de leukste dingen van reizen is wanneer je een onverwachte verrassing op je pad krijgt. Kuala Lumpur was zo’n aangename verrassing.

Kee El, zoals de stad hier genoemd wordt, is een metropool, hoewel niet eens zo groot op wereldschaal maar met een allure en een lef qua architectuur die bewondering afdwingt. Ik bleef vanzelf door fotograferen en ik viel van de ene verrassing in de andere.
Fascinerend zijn de contrasten van de wolkenkrabbers en de kantoortorens met de  oude buurtjes zoals Chinatown. Als je bedenkt dat hier tot 1860 alleen maar oerwoud was tot een groepje Chinese avonturiers hier naar tin begon te graven.
In anderhalve eeuw is die nederzetting aan een rivier boordevol malariamuskieten uitgegroeid tot deze wereldstad.
De skyline is sensationeel, vooral dankzij de Petronas Twin Towers die lijken op twee raketten die klaar staan om gelanceerd te worden en die tussen 1998 en 2005 de hoogste gebouwen ter wereld waren.
Ondanks dat is het geen stenen jungle. Er is veel groen en de hoogteverschillen maken dat je steeds weer vanuit een andere hoek of gezichtspunt tegen de vele wolkenkrabbers aankijkt.                                                                                              Aan de voet van de Twin Towers ligt het Petronas Park, een vriendelijke oase tussen al het glas en beton. Het is er heel druk op zaterdagmiddag. In de speeltuin en in het ondiepe zwembad spelen kinderen. Tieners zitten in het gras met hun telefoontjes te spelen en op een tenniscourt wordt een partijtje gespeeld.
De sfeer is ontspannen. De islam is hier gematigd ook al zie je sporadisch een boerka. De meeste mensen zijn echter westers gekleed. Dat verandert opeens wanneer er een  optocht het park nadert. Ik denk eerst dat het een demonstratie is, maar het ziet er eerder ludiek uit. De groep van enkele honderden mensen hebben geverfde gezichten, soms grappige maskers en dragen stukken papier met teksten.
Een Engels sprekende man legt me uit dat het de jaarlijkse Dag van de Sarong is. Ik zie dat bijna alle deelnemers inderdaad de traditionele Maleise sarong dragen, een doek van het middel tot onder knie. De oude klederdracht in ere houden, zo iets moet het idee zijn.
klik op een foto voor vergroting / kopiëren niet toegestaan zonder toestemming
IMG_2290 IMG_2117 IMG_2267 IMG_2259 IMG_2249 IMG_2239 IMG_2143
IMG_2286Sarongparty in Petronas Park. Bijna allemaal in sarong gekleed.

Dansende Leeuwen

In Kuala Lumpur was het moeilijk een kamer te vinden en daarom logeer ik in een backpackershostel – mijn eerste deze reis – midden in Chinatown. Ik wordt gewekt door luid getrommel en het geluid van cymbalen. Er blijkt bij een speelgoedwinkel in de straat een leeuwendans bezig te zijn, een van de gebruiken tijdens de Chinese Nieuwjaarsviering. Die viering duurt twee weken en is al bezig de hele tijd sinds ik in Maleisië ben en aangezien een kwart van de Maleisische bevolking Chinees is gaat dat dus niet onopgemerkt voorbij.

Twee leeuwen dansen ritmisch op het orkestje van trommels en cymbalen. De winkelier die het groepje heeft uitgenodigd legt fruit en snoep op de grond om de leeuwen tevreden te stellen en zijn winkel in te lokken. De leeuwen brengen voorspoed en succes in zaken en verjagen de boze geesten die vaak voorouders zijn die ergens wraak willen voor nemen. De muziek wordt steeds luider en sneller en de leeuwen springen en doen alsof zij vechten om het voedsel. Het moet warm zijn voor de jongens onder het leeuwenpak waarvan de achterste de hele tijd gebukt moet lopen en dansen. Vaak zijn het leerlingen van een Kong Fu school die getraind zijn in de acrobatiek die de dans vereist.

Een van de leeuwen onderhandelt onder het dansen even met de winkelier over de betaling. Sinaasappels en snoep is kennelijk niet genoeg. Dan is de ceremonie klaar en trekt de groep door de straat op zoek naar een andere winkelier die hen uitnodigt. Een restauranthouder haalt het groepje binnen. De dans en de ceremonie worden herhaald en daarna weer bij een kruidenierswinkel. Ik volg het groepje wat mij ook een sinaasappel en een happy new year oplevert. De jongens trekken zich even terug in een steegje om uit te rusten en wat te drinken. Een hele ochtend de leeuwendans uitvoeren is hard werken.

Klik op de foto’s voor vergroting 

IMG_2154 IMG_2179 IMG_2160

IMG_2203

IMG_2167

IMG_2195 IMG_2194 IMG_2192

Penang

Ik was net een dag te laat voor de grote viering van het Chinese Nieuwjaar, dus toen ik ’s middags in Georgetown op het Maleisiche eiland Penang aankwam bleek de hele stad nog op een oor te liggen. Op straathoeken en bij Chinese tempeltjes stonden podia omringd door de resten van vuurwerk. Ik meende zelfs nog een beetje kruitdamp te ruiken.                                                                                     De Chinezen maken een groot deel van de bevolking van Georgetown uit. Het oude gedeelte van de stad bestaat in feite uit een groot deel Chinatown en een kleiner Little India, met aan het zeefront een aantal grotere gebouwen in de Britse koloniale stijl en voormalige pakhuizen.                                                                 Georgetown is de meeste multiculturele plaats die ik ooit gezien heb. Op een wandelingetje van een half uur kun je je in diverse culturen onderdompelen.      Mijn hotel wordt gerund door Chinezen en als ik de hoek omsla naar Chulia Street sta ik bij een Confuciaanse tempel waar de hele dag door mensen zitten die wierook branden en waar regelmatig een gong galmt. In het restaurantje ernaast kun je noodlegrechten eten. Loop ik verder over Chulia street dan kom ik bij de Maleiërs die lopen te venten met hun karretjes met allerlei soorten nassi en gebakken snacks. ’s Avonds komen er de mobiele eettentjes bij, met een grote wok op het vuur, waar je voor een stuiver en zittend langs de straat op een laag plastic krukje een bakje rijst met vis, kip of groente kan eten.

Aan het eind van Chulia Street gaat Chinatown geleidelijk over in Little India. Onmiskenbaar met videowinkels die Bollywoodfilms verkopen en grote filmaffiches met Indiase sterren……. lees verder onder Teksten (zie menu boven)

klik op de foto voor vergroting

IMG_1907 IMG_1914 IMG_1946IMG_2000 IMG_2020 IMG_2021 IMG_2064 IMG_2071 IMG_2078

IMG_1973

 

Faces of Myanmar

Mijn nieuwe serie Faces of Myanmar bestaat uit close ups van mensen. Onderweg in de bus, op de boot of wandelend op een markt, op een drukke straat in de stad of op een avond bij een tempel koos ik mijn “slachtoffers” snel en op gevoel. Het was vaak een geinteresseerde blik of een glimlach, de meest voorkomende groet in Myanmar. Maar het kon ook een objectief iets zijn zoals leeftijd, kleding of geslacht waardoor een foto kon bijdragen aan het beeld van veelzijdigheid van de Birmese bevolking.

Ik kreeg steeds meer plezier in de opdracht die ik mezelf had geven doordat hij zoveel korte ontmoetingen opleverde. Op een paar te verlegen meisjes na en een politie-agent na  reageerde iedereen positief en soms zelfs vereerd of dankbaar dat ik diegene had uitgekozen.

De mensen, dat is meer dan wat ook wat Myanmar uniek maakt. De Birmezen komen uit een decennia durende duisternis van onderdrukking en isolement. Internet is voor de meesten nog onbekend. Zonder vragen of wantrouwen gaven vrijwel alle mensen die ik aansprak mij hun beeld.                                                       Ik heb de serie die ik voorlopig Faces of Myanmar noem niet van tevoren bedacht. Het waren de Birmezen die mij dit onderwerp gaven.

Hierbij een keuze uit de naar schatting 60 – 80 gezichten die ik in Myanmar trof.

IMG_1600 IMG_1375 IMG_1759 IMG_1644 IMG_1506 IMG_1118 IMG_0693 IMG_0690IMG_0893 IMG_1061

De trein naar Hsipaw

In Hsipaw rijdt elke dag om half vier, of meestal later, de trein uit Mandalay binnen. Ook komt er dagelijks een trein in de omgekeerde richting. Minstens een uur van tevoren zitten de verkopers van fruit en andere etenswaren al klaar op het perron. De  vier of vijf ouderwetse verbleekte lichtblauwe en roodachtige wagons worden getrokken door een diesel. De trein rijdt over een enkele smalspoorlijn die ook dateert uit de koloniale tijd. De rails sluiten na al die jaren niet meer zo precies recht op elkaar aan waardoor de wagons af en toe enorm slingeren en schokken. Het is vrijwel onmogelijk om tijdens het rijden door de trein te lopen ook al rijdt hij niet harder dan zo’n veertig kilometer per uur. Soms lijkt hij zelfs bijna te ontsporen

lees verder onder teksten (zie menu boven)

klik op een foto voor vergroting

IMG_1551IMG_1552 IMG_1591 IMG_1725 IMG_1739 IMG_1756

De haven van Mandalay

DE HAVEN VAN MANDALAY

Alle toeristen gaan in Mandalay naar het oude koninklijk paleis en naar de Mandalay Hill om vanaf die heuvel waarop een tempel staat de zonsondergang te fotograferen. Ik fietste juist de andere kant op, waar ik wist dat de Ayeyarwaddi moest zijn, de grootste rivier van Birma.

Geleidelijk kwam ik in een rustiger buurt, stak een kanaal over via een fraaie teakhouten brug  en opeens was daar de Ayeyarwaddi, een  brede watermassa en ook meteen het eind van de stad. Ik keek uit op een soort haven hoewel dat woord een beeld oproept van grote schepen aan een kade en draaiende kranen en dat was er allemaal niet. Er lagen alleen een heleboel platte houten schuiten van een of twee verdiepingen hoog, niet aan een kade maar gewoon in de modder en door loopplanken verbonden met de oever Op die loopplanken was het een komen en gaan van mannen en jongens, soms nog kinderen, die bijna rennend zware ijzeren bakken met vis, graan, groente en andere lading aan of van boord brachten. Ze hadden allemaal een een lungyi  om met vaak een bloot bovenlijf.  Af en toe kwam er een Chinees vrachtwagentje zonder motorkap voorbij rijden om een stapel van die bakken op te halen en liet daarbij een pikzwarte wolk roet achter. Het stonk naar bederf en er hing een enorme stofwolk boven het hele tafereel. Midden tussen de rennende werklieden zag ik een blote peuter met zijn vingertjes in het afvalwater roeren. Iets verderop de oever stonden rieten hutten waar de werkers in woonden naar ik aannam. Er hing was te drogen. De zon was heet en mijn keel brandde. Een paar vrouwen riepen me iets na en lachten toen ik voorbij kwam.

lees de volledige tekst onder teksten (zie menu bovenaan de pagina)

IMG_1286 IMG_1282 IMG_1285 IMG_1278

IMG_1293